Diagram 4. Entiteit

Description of the diagram 4. Entiteit

Dit diagram vormt feitelijk de basis voor het model; de weergave van een Entiteit in formeel een Entiteittype. Er is – zie algemene toelichting bij het metamodel – echter voor gekozen om Entiteittype te noemen naar het meer informele dagelijkse gebruik van de term Entiteit.

Er zijn Afgeleide Entiteiten, die hun afleiding krijgen van een Afleidingsregel.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen een viertal typen entiteiten:

  • Een Begripsentiteit; deze verwezenlijkt het bestaan van een Begrip. De Begripsentiteit bevat zelf de Primaire Unieke Identificator voor het Begrip en eventueel onveranderlijke attributen die onlosmakelijk met het begrip te maken hebben).

  • Een Contextentiteit; deze geeft context aan een Begripsentiteit waartoe deze behoort. Hierin worden de attributen van een Begrip vastgelegd. Aan een Contextentiteit hangen dimensies voor Tijd en Multi-realiteit.

  • Een Sleutelcontextentiteit (subset van Contextentiteit); deze bevat een Unieke Identificator van een Begrip (merk op: de Primaire Unieke Identificator van een Begrip is onderdeel van de Begripsentiteit)

  • Een Associatieve Entiteit; deze verwezenlijkt een Relatie (key-map, veel op veel relatie). De Associatieve Entiteit kent zelf geen attributen (want dan was het een Begrip geweest).

Op een Entiteit als geheel kan een Setgebaseerde Beperkingsregel van toepassing zijn (zie toelichting Diagram 7.1b Beperkingsregels Overzicht 2).

Op een Contextentiteit kan een Tupelgebaseerde Beperkingsegel van toepassing zijn; immers slechts een contextentiteit heeft attributen die een beperking ten opzichte van andere attributen in hetzelfde tupel kan opleveren.